Brandnetels
|
Eigenschap |
Kweek |
Oogsten en drogen |
Gebruik |
|
Er bestaan twee soorten brandnetels: de grote brandnetel (Urtica dioica)
en de kleine brandnetel (Urtica urens).
Brandnetels zijn hardnekkig onkruid en vele van u zullen de brandnetel uit de weg gaan, dan wel wieden, vanwege de grove prikkelende haren. De grote brandnetel is een onvertakte vaste plant van 60-120 centimeter. Ze hebben hartvormige bladeren, die langer zijn dan de steel. De kleine brandnetel is kleine, groener n minder harig dan de grote brandnetel. |
In ons land groeit de brandnetel bij de vleet. Het is dus niet zo moeilijk om deze te vinden.
|
Het gemakkelijkste is dat u de jonge
brandnetelloten met handschoenen en met behulp van een schaar oogst.
Vervolgens dient u de brandnetels te wassen. U kunt ze vervolgens drogen
of koken. Na deze behandeling is de prikkeligheid verdwenen. De
brandnetels kunnen ook worden gesmoord in olie of boter.
|
Bereid de jonge loten van de brandnetels op de zelfde wijze als spinazie. U proeft dan een verfijnde smaak. Stoof de brandnetels in wat boter gaar en meng het met aardappelpuree. Het geheel vervolgens op smaak brengen met peper en zout. |